Hoe meer we oordelen, hoe minder we liefhebben

Blog

Ik liep als laatste het klaslokaal in. De docent was er nog niet en de medeleerlingen waren rumoerig. Plots begon iedereen hard te lachen toen ik een tekst op het bord las bij het binnenlopen van het klaslokaal. “God, geef me een geweer en ik schiet Frank neer!”, stond op het bord gekalkt. Ik voelde de grond onder mij verdwijnen. Het liefste zou ik zo snel mogelijk de klas verlaten. Ik schaamde mij. ‘Waarom gebeurt dit nu? Ik doe toch geen vlieg kwaad? Ik ben alleen maar een Jehovah’s Getuige! Daar is toch niets mis mee?’

Deze week reed ik voor mijn werk op de A7 in de provincie Groningen. Ik haalde een vrachtwagen in die blijkbaar op weg was naar een evenement of bijeenkomst. Het was een promotiewagen van de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM). De trailer was voorzien van allerlei promotie uitingen over de NAM.  Voor mij reed een auto die iets vaart minderde toen hij ter hoogte van de chauffeur van de vrachtwagen reed. Ik zag dat de automobilist een middelvinger opstak naar de chauffeur van de vrachtwagen. Ik kon mij niet herinneren dat er een verkeersovertreding had plaatsgevonden waardoor de automobilist dit gedrag liet zien. Snel bekroop mij het gevoel dat de agressie te maken kon hebben met de NAM. Misschien had de automobilist een antipathie tegen de NAM; misschien had zijn huis schade opgelopen door een aardbeving en was hij in een juridisch gevecht met de NAM beland. Allemaal aannames. Het kan goed zijn dat de automobilist boos op de NAM was, zoals veel burgers in de provincie Groningen verontwaardigd zijn over de NAM. Eén ding is zeker, hij uitte zijn gevoelens op een niet-volwassen manier naar de chauffeur. Sterker nog, dit gedrag werkt averechts.

Ik bedacht mij tegelijkertijd dat de chauffeur van de NAM dit gedrag van medeweggebruikers misschien dagelijks in het verkeer meemaakt. Hij moet wel een dikke huid hebben om dit iedere dag te kunnen verdragen, terwijl hij  gewoon zijn werk doet. ‘Als ik nou eens de vrachtwagenchauffeur zou zijn, hoe zou ik met deze agressie omgaan? Wat zou dat met míj doen?’ Ik werd getriggerd door deze gedachte. Het herinnerde mij aan het bovenstaande voorval op school met de haatdragende tekst op het bord.

Nederland, ik moet iets van mijn hart! Ik zie dit haatdragend gedrag van mensen breed in de maatschappij terug. Een harde en liefdeloze manier om aan te geven dat je het niet eens bent met een groep mensen, een geloofsgemeenschap, een etnische minderheid, een politieke partij, een vereniging, enz.

Ik maak mij zorgen over de manier hoe wij onze verontwaardiging in de maatschappij uiten over maatschappelijke problemen, zoals seksueel misbruik van kinderen binnen gesloten gemeenschappen zoals Jehovah’s Getuigen. Er is hier veel om te doen. Het wordt breed uitgelicht in de media. Dat het taboe over dit beladen onderwerp doorbroken wordt is een goede zaak. De verontwaardiging over seksueel misbruik kan op lange termijn leiden tot een verbetering van de situatie van kinderen.

De individuele Jehovah’s Getuige is veelal een oprecht iemand en is niet de oorzaak van het leed wat veroorzaakt wordt, net zoals de chauffeur van de vrachtwagen niet het probleem is. Het beleid en het gedrag van het bestuur van deze gemeenschap is voornamelijk het discussiepunt. Bespot de individuele mensen niet als ze bij je aan de deur komen. Maar maak het onderwerp bespreekbaar en vertel wat je van de problematiek vindt. Toon hierin leiderschap! Ik zie regelmatig haatdragende uitingen op social media en agressie in mijn omgeving richting de gemeenschap van Jehovah’s Getuigen. Het is geen oplossing om te pleiten voor een verbodsbepaling van deze geloofsgemeenschap. De verandering moet van onderuit deze organisatie plaatsvinden, door met elkaar te praten. Ga de dialoog aan, zonder direct met oordelen klaar te staan. Vragen als ‘vind jij veiligheid  van kinderen ook belangrijk, wáárom vind jij het belangrijk en wat is hiervoor nodig’, kunnen een respectvolle dialoog op gang brengen. Nederland, laten we het voortaan vaker hebben over hoe onze kinderen in deze maatschappij veilig kunnen opgroeien in plaats van een groep mensen te veroordelen.

Zullen we samen onze wereld een klein beetje mooier te maken?

2 comments

  • Het zijn mooie gedachtes allemaal, maar ik zie geen heil in een dialoog met Jehova’s getuigen. Het is naïef. Oké, ze zijn geïndoctrineerd, en het is moeilijk daar los van te komen, maar nog steeds zijn ook zij verantwoordelijk voor hun daden. Zij kiezen ervoor om zich te onderwerpen aan de tucht van een Organisatie die kindermisbruik faciliteert en pedofielen beschermd. Zij kiezen voor wegkijken van misdaden. Pas als zij dit gaan inzien is een gesprek mogelijk. En tot die tijd zijn ze wat mij betreft medeplichtig aan de misstanden die zich vlak voor hun neus afspelen. Het gaat om rechtvaardigheid. Wij moeten onrecht niet liefhebben, maar haten en veroordelen. Elke JG werkt actief mee aan een pervers systeem, of ze dat nu erkennen of niet. Als top/down organisatie kan en zal het Wachttorengenootschap nooit luisteren naar de gewone JG. Die hebben daar geen enkele invloed op. Alleen de overheid kan ze terugfluiten, bv door de ANBI status in te trekken. En hoe meer hun praktijken aan het licht komen, hoe beter. Als ik daarmee een groep mensen veroordeel, het zij zo.

  • Ja, ik ben het helemaal eens met dit artikel.
    Dat is een van de redenen dat ik nog steeds voorzichtig ben met wat ik zeg tegen anderen over mijn verleden als een van Jehovah’s Getuigen. Want ze worden zo gauw in een negatief daglicht geplaatst door anderen die dat verleden niet delen, terwijl het individu binnen de organisatie meestal oprecht is.
    Maar het is jammer om voorzichtig te moeten zijn in wat je zegt, want dat moest vroeger binnen de organisatie ook al, omdat je anders als negatief werd bestempeld en nu moet het nog, omdat er zomaar een hetze kan ontstaan tegen de Jehovah’s Getuigen en dat wil ik ook niet op mijn geweten hebben!
    Daarom hebben veel opgehouden of uitgesloten Jehovah’s Getuigen het soms ook moeilijk. Ze hebben familieleden binnen de organisatie en willen hen niet afvallen. En ze kunnen hun werkelijke gevoelens dus niet gemakkelijk kwijt, omdat er dan ook weer broodje aap verhalen de ronde kunnen gaan doen in medialand.
    Ja, er zou echt intern iets moeten veranderen, door de discussie mogelijk te maken, die er in het begin van de organisatie ook was.
    Want niet alleen het beleid omtrent kindermisbruik zou moeten veranderen, ook hun uitsluitingsbeleid zou moeten veranderen!
    Want geen enkele religie heeft het recht om voor familieleden te gaan beslissen of ze wel of niet met elkaar om mogen gaan. Het is emotionele chantage om dat te eisen van de betreffende personen en velen lopen ook hierdoor geestelijke schade op.

Geef een reactie